06 230 38 985 gerard@mesmanteksten.nl
Selecteer een pagina

Het roerige jaar 1980. ‘Geen woning, geen kroning’. Dat was een vervolg op de ‘Vondel Vrijstaat’: de fameuze krakersrellen, waarbij het leger de ME te hulp moest schieten om de straten rond het krakerspand met het karakteristieke witte balkon, weer toegankelijk te maken. Een paar dagen duurde het verzet van de krakers tegen de overheid, die overrompeld was door zoveel vasthoudendheid. Kern van het conflict: de enorme spanning tussen de uitzichtloze woningnood en schaamteloze leegstand voor speculatiedoeleinden. En woningnood, daar kon ik als 1e jaars student over meepraten. De casus is simpel: ik begin aan een vierjarige studie en moet bij willekeurig welke woningbouwvereniging al 5 jaar ingeschreven staan om een begin van zicht op woonruimte te krijgen. Dit is de hoofdstad.

Huisjesmelkers zijn kansloos duur

Het roerige jaar 1980. Via via via huur ik een gigantische kamer van 8 bij 8 bij 4 met uitzicht op het Centraal Station. Niet warm te krijgen. Het pand deel ik met een onbekend aantal andere gelukzoekers. Tot het moment dat de eigenaar stuiterend van de adrenaline mij sommeert het pand binnen 4 dagen te verlaten. Geen poot om op te staan als je via via via huurt. Ik logeer bij mijn boezemvriend en sjouw huisjesmelker na huisjesmelker af. Kansloos duur. Een benauwend perspectief dat verzet oproept.

Italian shoes als contrapunt in het Vondelstraatrumoer

Ik wil verder. Februari 1980. Op mijn school in de knusse Jordaan hangt een klein kaartje; formaat visite. Regiestudent aan de filmacademie zoekt acteurs voor reclamefilmpje. Opname zaterdag 1 maart. Acteur, filmacademie: ik ben dit jaar helemaal in voor experimenten. Ik mag komen. Ik doe mee. Zaterdagmiddag verzamelen in een café aan het Weteringplantsoen. Het gonst in de stad. Helikopters. Zwaailichten. Overal de inmiddels bekende blauwe ME-busjes. De witte helmen, rieten schilden en zwarte gummiknuppels. Oorlogssterkte. De regiestudent zet door en ziet de oproer aan de Vondelstraat als een mooi contrapunt voor het artikel dat hij in het zonnetje wil zetten: schoenen.

Vondelpark 1 maart 1980 rond 16.00 uur. Een shot op de brug over het park waar de straat volledig gebarricadeerd is met stoeptegels die tot je middel reiken. Ik loop met mijn glimmende schoenen over de barricade te flaneren om een knappe vrouw te imponeren. Een vrouw die mij overigens zo imponeerde dat ik er bloednerveus van werd, iets dat mijn toch al matige acteerprestaties negatief beïnvloedde, maar dat terzijde. En ineens kon ik het niet meer volgen: de wereld staat in brand en ik ben hier serieus bezig met een commercial. Kortsluiting.

Overvolle stations: je staat erbij en kijkt ernaar

Ik hoorde ‘Streets of fire’ van Bruce ‘the Boss’ Springsteen, maar ik speelde ‘Italian shoes’ van Mink DeVille. Een gevoel dat je niet doet wat nu wel zou moeten. Zo een zelfde gevoel dat opkomt als vluchtelingen die uit pure wanhoop in doodsbootjes stappen terwijl ik bij wijze van spreken heerlijk zit te dineren in het luxe strandpaviljoen waar ze aanspoelen. Hetzelfde gevoel bij de overvolle perrons in overvolle stations in landen hier niet ver vandaan, en ik die alleen maar naarstig op zoek ben naar een boodschappenbriefje, want wat eten we vanavond. Dat gevoel. Herkent u dat?

[page_section template=’3′ position=’default’] De beelden van de vluchtelingen staan op ons netvlies; onnodig die hier te illustreren. Het nummer ‘Italian shoes’ van de helaas al overleden Mink DeVille is te mooi om niet te laten zien. Hier vind je een filmpje over de krakersoproer in de Vondelstraat en het verhaal erachter.[/page_section]